Het Geheim van de navolging

Preek over MatteŁs 4:18-22

 

Gemeente van de levende Heer,

Wat is het geheim van de navolging van Jezus? Daar gaat het vanmiddag in de preek over. En op die vraag wil ik drie antwoorden geven:

1. Dat Jezus je kiest
2. Dat Jezus je roept
3. Dat Jezus je verandert

* * *

Het Geheim van de Navolging: dat Jezus je kiest

Wat doet Jezus daar eigenlijk, bij het meer van Galilea? En nu moet u weten dat die naam Galilea niet zo'n goede klank heeft. Het is ergens in het hoge Noorden van IsraŽl, ver weg van het centrum, Jeruzalem waar zich het echte leven afspeelt. Jezus is in Galilea, ook wel 'Galilea der heidenen' genoemd. Je zou zo zeggen: wat heeft Jezus daar nu te zoeken? Hij is erop uit om leerlingen te vinden. Dan kan Hij toch beter terecht in Jeruzalem? Zo tussen de Schriftgeleerden en FarizeeŽn. Daar lopen heel wat pientere mannen tussen.

Maar doet Jezus dus niet. En er is nog iets opmerkelijks: de rabbi's in die tijd wachtten meestal af tot er zich leerlingen aanmeldden. Ze hingen hooguit nog eens ergens een postertje op: 'Leerlingen gezocht! Meld je bij rabbi Ben Jozef. Inschrijfformulieren beschikbaar.' Of iets dergelijks. En dan maar wachten tot er leerlingen komen.

Maar Jezus gaat zelf op pad. Hij wacht niet tot er mensen zijn die een keuze maken en zich bij hem inschrijven als leerling-discipel. Hij kiest zelf zijn leerlingen uit. En Hij doet dat op een plek waar we het niet zouden verwachten. In die verre provincie: Galilea. En Hij kiest, op zijn eigen initiatief, mensen uit waar je het niet van zou verwachten. Heel gewone mensen. Vissers.

Het is eigenlijk hetzelfde als met Abram. Daar is het ook zo overduidelijk dat God het initiatief neemt. Er is geen enkele reden waarom God nu uitgerekend Abram zou moeten uitkiezen. Abram is niet beter of slechter dan andere mensen. En het is al helemaal niet zo dat Abram solliciteerde om geroepen te worden. Zo van: 'Here, U wilt iemand roepen, misschien zou U eens aan mij kunnen denken.' Nee. God kiest hem uit omdat God dat wil. Niet omdat Abram zoveel te bieden heeft aan God. Nee, God heeft juist ongelooflijk veel te bieden aan Abram.

En zo loopt Jezus daar langs het meer van Galilea. Hij ziet twee mannen een net in zee werpen. 'Want zij waren vissers', staat er dan zo nuchter. 'Want zij waren vissers.' En dan nog een keer: Wat doet Jezus daar nu eigenlijk, zo in Galilea? Waarom loopt Hij niet rond in Jeruzalem? Daar heeft Hij toch veel meer keus? Dat is het godsdienstige centrum van IsraŽl. Daar zitten de potentiŽle geestelijke leiders. Maar Jezus' wegen zijn niet onze wegen. Jezus kiest mensen uit waar wij niet zo gauw aan gedacht zouden hebben. Jonge mannen die van het vissen hun dagelijks werk hebben gemaakt.

En ik geloof dat Jezus in onze tijd naar de bouwplaatsen zou zijn gegaan, om daar een paar jonge kerels te roepen. Want jonge mensen hebben nog een leven voor zich. Ze zijn het waard om in te investeren. Jezus kiest jonge mannen uit. Een metselaar: 'Volg Mij: jij mag in mijn Koninkrijk muurtjes metselen.' Een timmerman: 'Volg Mij: timmer mee aan een nieuwe wereld van gerechtigheid en vrede.' Of Hij zou een ziekenhuis binnenlopen en tegen een jonge verpleegkundige zeggen: 'Volg Mij: Ik zal je leren om harten te genezen.' Of Hij ontmoet ergens een jonge kerel die veel bezig is met Desk Top Publishing: 'Volg Mij, en Ik zal je leren van mensen leesbare brieven te maken.'

Nee, het zijn niet de groten, de mannen van naam, die al een reputatie hebben opgebouwd waarnaar Jezus op zoek is. Jezus kiest heel gewone, eenvoudige mensen uit om Hem te volgen. Je hoeft er niet voor geleerd te hebben. Je hoeft er niet rijk voor te zijn. Je hoeft niet ergens in uit te blinken. Jezus kiest mensen uit, gewone mensen, gewoon zoals ze zijn. Jong, onervaren, met een leven voor zich. Paulus schrijft er later ook iets over: 'Ziet slechts, broeders, wat gij waart, toen gij geroepen werdt: niet vele wijzen naar het vlees, niet vele invloedrijken, niet vele aanzienlijken. Integendeel, wat voor de wereld dwaas is, heeft God uitverkoren om de wijzen te beschamen' (1 Korinte 1:26-27).

Dat is het Geheim van de Navolging: dat Jezus je kiest. Wij kiezen dus niet voor Jezus. Dat is in elk geval niet de eerste stap. Jezus kiest de discipelen uit. Later zegt Hij ook een keer tegen hen (Johannes 15:16): 'Niet gij hebt Mij, maar Ik heb u uitgekozen.' Daar begint het. Zoals toen bij Abram. Er was geen haar op het hoofd van Abram die ooit had gedacht: 'laat ik God gaan zoeken en dienen.' Nee. God nam het initiatief. Hij was de eerste. En dat is nog altijd zo. En elke dag van ons leven opnieuw is het Jezus die naar ons toekomt, en zegt: 'Wees mijn navolger.' In de bijbel heet dat nu: genade. Dat je niets in te brengen hebt, echt helemaal niks, en dat Jezus je toch uitkiest en zegt: 'Volg Mij.'

Vanmiddag zegt Jezus het tegen u allemaal: 'Volg Mij!' En tegen de meesten van u heeft Hij het al veel vaker gezegd. En gelukkig zien we er ook wel wat van in onze levens: dat we God dienen in het leven van alle dag, dat we anderen helpen, dat we vrijmoedigheid hebben om iets te vertellen aan een ongelovige over Jezus, dat we het heerlijk vinden om naar de kerk te gaan. Dat hoort er bij, bij de navolging. Maar het moet ook steeds weer worden gezegd: 'Volg Mij!' Want we vergeten het snel temidden van al onze drukte en al onze bezigheden. 'Volg Mij.' Hoort u de stem van Jezus? De Jezus die u heeft uitgekozen om deze woorden te horen? Hoort u de stem van Jezus? 'Volg Mij!'

* * *

Het Geheim van de Navolging: dat Jezus je roept

Boven dat bijbelgedeelte staat: 'de roeping van de eerste discipelen.' We hebben daar vaak nogal verheven gedachten bij. Bij die roeping. We denken al snel aan bijvoorbeeld dominees: zij hebben een roeping. En predikanten die de zending ingaan, dan heb je nog meer roeping. Of andere gelovigen die iets gaan doen in het koninkrijk van God waarvan we dan zeggen dat dat heel bijzonder is: bijvoorbeeld een jaar werken onder arme mensen in een Afrikaans land.

Dat is allemaal roeping, denken we vaak. Bijzondere situaties. Bijzondere mensen. Maar dat is helemaal niet zo. Want het is zo vreselijk alledaags wat we zien in MatteŁs 4. Twee broers, ze heten Simon en Andreas. En nog twee broers, ze heten Jakobus en Johannes. Ze vissen. Want er moet brood op de plank. Ze herstellen hun netten. Ze geven de boot weer een likje verf. Ze schrobben het dek eens een keer. Heel gewoon allemaal.

Midden in dat doodgewone leven klinkt opeens Jezus' roepstem. En we maken er te snel iets bijzonders van. Van die mannen. Maar het waren echt gewone vissers. Het hadden ook boekhouders kunnen zijn, automonteurs, cassiŤres of verkopers. En het gebeurt midden in het gewone leven van alle dag.

Broeders en zusters, aan roeping is eigenlijk maar ťťn ding bijzonder in de bijbel. We focussen vaak op de geroepene. Of op de roeping, en we hebben er verheven gedachten bij. Maar het gaat uiteindelijk alleen om Degene die roept. Het Geheim van de Navolging is dat Jezus je roept. En Jezus roept ons allemaal om midden in het gewone leven Hem te volgen. Die roeping is voor ons allemaal principieel dezelfde. Omdat het Een en Dezelfde is die roept: Jezus.

Hij roept ons om zijn navolgers te zijn. En de een doet dat als verpleegkundige, en de ander doet dat als leraar, en weer een ander doet dat als verkoper, en je vindt ook navolgers van Christus onder boekhouders, dominees, leerlingen in het voortgezet onderwijs, basisschoolkinderen, studenten, Human Resources Managers, techneuten en gepensioneerde mensen. Maakt allemaal niet uit. Jezus roept ons waar dan ook en in welke functie dan ook of in welke rol dan ook om Hem te volgen, om een leven te leiden dat naar Hem genoemd is: 'christelijk leven'. Dat is de ene roeping die we allemaal hebben. Wie we ook zijn, wat we ook zijn, waar we ook zijn: Jezus roept ons: 'Volg Mij!'

Ja, en we hebben allemaal zo onze redenen om regelmatig te zeggen: 'Nu even niet, Here Jezus. Nu wil ik even iets doen zonder u.' Even een collega de huid vol schelden. Even als moeder lekker sjagrijnen op m'n kinderen. Even als voorganger de dingen naar mijn hand zetten. Even als verkoper een stukje informatie achterhouden. Even als boekhouder creatief zijn. Of wat dan ook maar. Jezus navolgen betekent niets meer en niet minder dan steeds denken: 'Here Jezus, hoe wilt U dat ik ben, hoe wilt U dat ik handel, hoe wilt u dat ik kies, hoe wilt u dat ik spreek?' En we hebben allemaal zo onze redenen om regelmatig te zeggen: 'Nu even niet, Here Jezus.'

En daarom verbaast het ons ook zo geweldig dat die vier jonge mannen het gewoon doen. Dat verwacht je toch niet? Dat is toch gigantisch bijzonder? Er staat niet eens dat ze even twijfelden! Jezus vraagt hun om op staande voet te stoppen met vissen en met netten in orde maken. En ze doen het! Ze vragen niet: 'Wat schuift het?' 'Waar gaan we eigenlijk heen?' Ze beginnen niet over een cao, over secundaire arbeidsvoorwaarden, een ziektekostenverzekering of een lease-auto (met cruise-control). Niets van dat alles. 'Zij nu lieten terstond hun netten liggen en volgden Hem' (Simon en Andreas) 'Zij lieten dan terstond het schip en hun vader achter en volgden Hem' (Jacobus en Johannes).

Hoe kan dat? Nu, waarschijnlijk kenden ze Jezus al wel een beetje. Ze hadden via Johannes de Doper over Hem gehoord. En misschien waren ze er wel bij geweest toen Johannes de Doper zei: 'Zie, het Lam Gods dat de zonden der wereld wegneemt.' Maar dat verklaart niet voldoende waarom ze nu zonder vragen gaan. Zoals eens Abram. Want ook bij Abram horen we niet over vragen en twijfels. 'De Here nu zei tot Abram: Ga uit uw land.' 'Toen ging Abram, zoals de Here tot hem gesproken had.'

Waarom doen deze vier jonge mannen dat? Wat is het Geheim van hun Navolging? Dit: dat Jezus hen roept! Er staat een Man voor hen. En die zegt: 'Volg Mij'. En blijkbaar is dat zo krachtig, zo sterk, en het raakt hen zo, dat ze zonder vragen gaan. Ik denk ook dat de Geest van Jezus hun harten ervoor open maakt. Anders kun je het niet verklaren. Ze gaan omdat Jezus hen roept.

En Hij roept hen niet omdat Hij wat in hen ziet. Er staat namelijk niet dat 'Jezus wat in hen zag.' Nee, Jezus zag hen. Als God mensen roept, dan sluit die roeping niet aan bij onze mogelijkheden. Nee, die roeping laat Gods mogelijkheden zien.'

Zo roept Jezus ook u. Niet omdat Hij wat in u ziet. Of omdat hij wat in jou ziet: 'dat is een leuke meid, dat een goeie vent, dat is zo'n aardige vrouw, dat is zo'n wijze man.' Nee, niets daarvan. Jezus roept u, niet op basis van wat Hij in u ziet, maar op basis van Gods mogelijkheden. God is zo krachtig, dat Hij ons leven radicaal kan veranderen.

En daarmee zijn we bij het derde. Het derde antwoord op de vraag wat het Geheim van de Navolging is.

* * *

Het Geheim van de Navolging: dat Jezus je verandert

Als je geroepen wordt, dan moet je een keuze maken. Dat weten de kinderen in de kerk ook wel. Bijvoorbeeld als je buiten aan het spelen bent, uurtje of half zes 's middags, en je moeder komt naar buiten en ze roept: 'Binnenkomen! Eten!' Dan moet je een keuze maken. Kom ik direct? Of blijf ik nog eventjes spelen? ('Ze roept straks toch nog wel een keer...').

Zo is het ook met deze vier mannen: Simon en Andreas, Jacobus en Johannes. Dat Jezus hen roept, betekent dat hun leven op een kruispunt wordt gezet. Ze moeten kiezen. Vasthouden wat ze hebben? Of zich helemaal aan Jezus geven? En we kunnen ons prima voorstellen dat ze voor het eerste gekozen zouden hebben. Vasthouden wat ze hebben. Een stukje zekerheid. Ze hebben hun vissersbedrijfje. Ze hebben hun netten en hun boot. Ze hebben brood op de plank. Dat biedt houvast.

En toch laten ze het allemaal radicaal los. Ze laten het echt los. Ze laten het allemaal achter. Zelfs hun vader laten ze achter, Johannes en Jakobus. Ze komen los uit de bestaande banden om zich volledig te binden aan Jezus. En dat kan ook pijn doen. Loslaten is pijnlijk. Volgen betekent bij Jezus ook kruisdragen. Als Hij je roept sta je echt op een kruis-punt in je leven, je moet een radicale keuze maken die ook zeer kan doen. Deze vier mannen doen het: ze laten los wat ze hebben en wat houvast biedt, en ze geven zich aan Jezus. Terstond en helemaal.

Een radicale verandering dus. Van het ene op het andere moment. En dat kan alleen maar vanwege Jezus. Wat is het Geheim van de Navolging? Ik heb wel gezegd dat ik drie antwoorden geef. Dat Jezus je kiest, dat Jezus je roept, dat Jezus je verandert. Maar ten diepste is er maar ťťn antwoord. Wat is het Geheim van de Navolging: dat Jezus je kiest, dat Jezus je roept en dat Jezus je verandert.

En er verandert wat. Simon wordt zelfs al bij zijn nieuwe naam genoemd: Petrus. En met z'n vieren worden ze van het ene op het andere moment: vissers van mensen. Straks gaan ze met het schepnet van Gods liefde door de wereld om mensen te winnen voor Christus. Zo verandert hun leven radicaal van richting. Vier jonge mannen worden leerling van Jezus. Vier jonge mannen krijgen om zo te zeggen een nieuwe identiteit. Vier jonge mannen krijgen een Jezus-hart: ze willen niets liever dan Christus volgen als hun Heer. En als er sneeuw zou liggen in IsraŽl, dan zouden ze steeds kijken naar de voetafdrukken van Jezus, en ze zouden achter Hem aangaan, en precies in de voetstappen van Jezus te lopen. Want dat is navolging: dat je in de voetsporen van Jezus gaat.

* * *

Broeders en zusters, aan het einde van deze preek wil ik dit voor ons allemaal ook nog wat praktischer maken. Ik wil een paar concrete aanwijzingen geven voor een leven in de navolging van Jezus Christus. Over drie onderwerpen (drie keer een G):

1. gebed
2. geloofsopvoeding
3. getuigend leven

Gebed. Het diepste Geheim van de Navolging is uiteindelijk die ene Naam van Jezus: Hij roept ons om met Hem in relatie te leven. Hij roept ons om blijmoedig ons kruis te dragen achter Hem aan. Hij roept ons om te leven uit de kracht van zijn opstanding. Hij roept ons om biddend te leven. Veel van onze gebeden sluiten we af met de Naam van Jezus. 'Dit alles bid ik u om Jezus' wil.' Of: 'Dit vragen we U alemaal in de naam van de Here Jezus.' Dat is heel mooi. Maar ik zou u willen vragen uw gebeden vooral ook te leren begŪnnen in de naam van Jezus. Niet zijn Naam pas noemen aan het eind. Maar laat zijn naam vanaf het begin ons bidden kleuren. Daar begint de navolging van Jezus. In het biddend contact met Hem. Hij is het Geheim van onze navolging.

Geloofsopvoeding. Als er in de kerk kinderen worden gedoopt, wordt er een vraag gesteld over de geloofsopvoeding: ĎZult u dit kind bij het opgroeien in de leer van de christelijke kerk naar vermogen te zullen onderwijzen en te laten onderwijzen?í Waar gaat het dan eigenlijk om? Er wordt tegenwoordig erg veel gesproken over waarden en normen. Dat gebeurt in de politiek. En voor je het weet doe je daar als kerk in mee. 'We moeten onze kinderen waarden en normen bijbrengen.' Maar ik geloof niet dat dat het belangrijkste is. We moeten onze kinderen geen waarden en normen bijbrengen, we moeten onze kinderen bij Jezus brengen. We moeten onze kinderen bij Jezus brengen. We moeten Christus voorstellen. Ouders: laat aan je kinderen zien wie Jezus is. Jezus Christus, Gods Eigen Zoon, is de allermooiste, de allervriendelijkste, de allerbarmhartigste, de allergeduldigste, de allergrootste Mens die je je kunt voorstellen. Hij is God! Hij is onze Redder. Hij verlost ond door het kruis. En Hij leeft! Hij leeft! En als we zo Christus voorstellen en als onze kinderen door genade geraakt worden door Hem, dan komt het met die waarden en normen ook wel goed. Natuurlijk, die moeten er ook zijn, maar daar begint het niet in de geloofsopvoeding. Het begint bij Jezus. Bij Hem alleen.

Getuigend leven. Tenslotte wil ik nog iets praktisch zeggen over getuigend leven. Als je missionaire wilt zijn, als gemeente, en zelf ook in je dagelijkse leven, dan zakt de moed je soms wel eens in de schoenen. Kunnen we dat wel? Kan ik dat wel? En dan slaan we elkaar wel eens om de oren met dat spreekwoord waarmee je elkaar ook moedeloos kunt maken: 'Waar het hart vol van is, daar loopt de mond van over.' Maar jouw mond loopt er niet van over. Je vindt het verschrikkelijk moeilijk om te praten over je geloof. 'Dan zal het met mijn hart wel niet goed zijn.' Maar laten we nu niet beginnen bij dat spreken. Maar bij dat hart. Ik zou haast zeggen: laten we een tijdje niet praten over missionair zijn, maar laten we onze aandacht vooral richten op ons hart. Steek tijd en energie in het gebed dat je hart steeds meer een echt Jezus-hart mag worden. Gevuld met zijn liefde en zijn geduld en zijn bewogenheid. En als dat door genade gebeurt, dan zul je merken dat je ogen ook zullen opengaan voor de gelegenheden die God je geeft. We willen soms graag gelegenheden creŽren. Maar dat moeten we misschien helemaal niet willen. Laten we bidden om een hart dat steeds voller is van Christus, en om ogen die Gods gelegenheden opmerken. Maar laten we vooral veel dit gebed van Paulus bidden (EfeziŽrs 3:17): 'Dat Christus door het geloof woning in onze harten maakt'.

Laten we bidden...

 

Liturgie zondagmiddagdienst

Gezang 35
Gebed
Schriftlezing: Genesis 12:1-9
Psalm 105:4,5
Tekstlezing: MatteŁs 4:18-22
Preek
Gebed
Psalm 119:13,17,22
Apostolische Geloofsbelijdenis
Lied 477
Voorbeden
Collecte
Gezang 31