Kijk de preek terug op YouTube:

Luister de preek terug als podcast:


[Onder de preek vind je gespreksvragen en werkvormen.]

1

Kijk eens naar dit beeld. Een oude telefoon. Met zo’n draaischijf. Wie kent die nog?

En dit beeld: een smartphone. Ligt lekker in de hand. Je kunt er ongelooflijk veel mee doen.

Stel je voor dat iemand tegen je zegt: lever je smartphone maar in, je krijgt vanaf nu zo’n draaischijftelefoon. Dan denk je waarschijnlijk: nou nee, bedankt! Want je smartphone kan veel meer. Is veel sneller. Directer. Met zo’n oude telefoon kun je maar één ding doen: iemand opbellen. Maar je moet elk nummer van 10 cijfers telkens opnieuw draaien. Aan de andere kant: zo’n draaischijftelefoon roept voor sommigen misschien wel nostalgische gevoelens wakker.

En deze dan. Een foto van een gezin. Ziet er uit als al een behoorlijk oude foto, geen kleur. Voelt erg retro aan. Je ziet de mensen die erop staan. Maar het is allemaal wat grijs.

En hier een foto van hetzelfde gezin, maar nu volop kleur. Vol leven nu. Veel meer licht en scherpte. Alsof het ook veel dichterbij komt.

Als je het zo naast elkaar ziet: zo’n ouderwets zwart-wit beeld en zo’n kleurige eigentijdse foto, waar kies je dan voor? Tuurlijk is het soms ook leuk om zo’n ouderwetse foto te bekijken. En misschien photoshop je een foto die je hebt gemaakt weleens bewust zo dat die er oud uitziet. Maar ik denk toch dat de kleurenfoto ons meer waard is.

Op deze foto zien we iemand in de gevangenis zitten. Kleine ruimte. Opgesloten. Je kunt geen kant op. Een straf uitzitten. Andere mensen bepalen wat je wel en niet mag. Om somber van te worden.

En op deze foto zien we kinderen die dansen in de buitenlucht. De hemel is blauw. Mooi groen gras en groene bomen. Vrolijke kleren in mooie kleuren. Wat een ruimte. Dat geeft een heel vrij gevoel. Je wordt er vrolijk van als je ernaar kijkt.

Waar kies je voor? Vastzitten in die gevangenis, weinig ruimte, geen bewegingsvrijheid? Of buiten zijn, vrij, in de natuur, samen met anderen genieten van het leven?

2

Paulus doet in het bijbelgedeelte dat we net lazen eigenlijk precies hetzelfde. Hij zet twee werelden naast elkaar. Aan de ene kant een manier van geloven die voelt als vastzitten, beperkt worden, weinig bewegingsruimte. Best angstig. En aan de andere kant een manier van geloven die werkelijk vrij voelt, waar je ademhaalt, waar je merkt dat het mooi en waardevol en ontspannen is om met God verbonden te zijn. Er is lucht. Er is licht. Er is liefde.

De eerste manier van geloven voelt zwaar. Alsof geloven vooral gaat over: regels, moeten, jezelf bewijzen, bang zijn dat je tekortschiet. Paulus noemt dat: “de dienst die de dood bracht, en die met letters in steen werd gegrift”. En: “de dienst die tot veroordeling leidt.” Dat zijn heftige woorden.

Maar misschien herken je het gevoel wel een beetje. Dat je denkt: ik doe het niet goed genoeg; ik geloof niet goed genoeg; ik bid niet genoeg; ik ben niet goed genoeg voor God. Dan voelt geloof niet vrij. Maar zwaar. Alsof je opgesloten zit.

Maar Paulus zegt: met Jezus is er echt iets nieuws gekomen. Hij noemt dat: “de dienst die de Geest brengt.” En: “de dienst die tot vrijspraak leidt”. Dat betekent: God wil niet alleen van buitenaf zeggen wat je moet doen. Hij wil van binnenuit in je leven werken. Door zijn Geest. Hij wil je levend maken, Hij wil je vrij maken. Het christelijk geloof is niet bedoeld als een gevangenis. Het is bedoeld als leven met God. Met ademruimte. Met licht. Met vrijheid. Met echte verandering van binnenuit.

Kijk, Paulus is haast ongemakkelijk zwart-wit. Kijk maar hoe scherp hij het naast elkaar zet:

  • de dienst die de dood bracht < > de dienst die de Geest brengt
  • de dienst die tot veroordeling leidt < > de dienst die tot vrijspraak leidt
  • de luister van toen < > de overweldigende luister van nu
  • wat verdwijnt < > wat blijft.

3

Maar wat bedoelt Paulus nu precies met dat woord ‘dienst’ (in andere vertalingen staat daar ‘bediening’)? Hij bedoelt: een bepaalde manier waarop God met mensen omgaat. Hij bedoelt met het oude en nieuwe verbond een twee verschillende fases waarbij een bepaalde manier hoort waarop God met mensen omgaat en in hun leven werkt. De oude dienst draaide vooral om wetten en regels die van buitenaf kwamen. De nieuwe dienst draait om de Heilige Geest die van binnenuit werkt. 

Je zou het kunnen vergelijken met een besturingssyssteem van je telefoon of je laptop. Een oud systeem heeft niet zoveel mogelijkheden, wordt steeds trager en loopt uiteindelijk vast. Een nieuw systeem werkt sneller, en gemakkelijker en heeft weer heel nieuwe mogelijkheden. 

En wat Paulus wil zeggen is dit: nu Jezus is opgestaan en ons zijn Geest geeft vanuit de hemel, nu is er echt iets nieuws begonnen! Jezus maakt echt het verschil. 

Dat is het nieuwe verbond. Een verbond is een soort heilige afspraak van liefde en trouw tussen God en mensen. God zegt: “Ik wil jullie God zijn, en jullie mogen mijn kinderen zijn.” En in de Bijbel zie je twee verbonden die ná elkaar komen. Het oude verbond, van vroeger, legde de nadruk meer op de wetten en regels die op stenen platen stonden. Maar door Jezus is er een nieuw verbond gekomen: Gods Geest schrijft zijn in onze harten door zijn Geest.

4

Dat woordje ‘luister’ komt ook steeds langs. Wat wordt daarmee bedoeld? Nou, zoiets als: de stralende schoonheid, de geweldige kracht en de liefdevolle aanwezigheid van God. Iets van Gods heerlijkheid die zichtbaar en voelbaar wordt, bijvoorbeeld als we vrede ervaren die alleen God kan geven.

En Paulus zegt dat het oude verbond ook al iets moois was. Zeker. Ook daarin kwam God al naar ons toe. Maar nu is er iets nieuws. Dat oude verbond, dat was een olielamp dat zeker ook wel wat licht gaf. Het nieuwe verbond, dat is als de zon. Echt stralend en schitterend aan de hemel. “De luister van toen is niets in vergelijking met de overweldigende luister van nu.”

Dus dat nieuwe verbond is echt veel mooier. We moeten niet doen alsof er eigenlijk geen verschil is tussen die twee: het oude verbond en het nieuwe verbond. Want dan zeggen we: “er is niet écht iets veranderd met Jezus en met zijn Geest. Het is alleen maar meer van hetzelfde.” Maar die ruimte laat Paulus ons niet. Hij zegt: het nieuwe verbond van de heilige Geest is echt zoveel mooier en zoveel stralender!

Geloof je dat? Of vind je dat misschien lastig? Dat zou ik in elk geval wel snappen, alleen al omdat regels en wetten en afspraken gewoon veel duidelijker zijn en veel meer houvast lijken te geven dan de Geest, de heilige Geest. 

Maar dit is wel wat Paulus ons vandaag te zeggen heeft: geloof dat de Geest er is, dat je geloof er veel stralender, en vrijer en ruimer van wordt als je je door de Geest laat leiden. “Want waar de Geest van de Heer is, daar is vrijheid!”

5

En dan moeten we even terug naar een bijzonder verhaal uit het leven van Mozes. Het wordt verteld in Exodus 34. Mozes is daar heel dichtbij God, boven op de berg Sinaï. Hij ontvangt de stenen platen met de tien geboden. Maar als hij daarna weer beneden komt bij het volk, is er iets opvallends aan de hand: zijn gezicht straalt. Er ligt een soort glans over zijn gezicht. Alsof hij licht geeft. 

Als iemand Jezus leert kennen en tot geloof komt, dan kun je dat soms gewoon zien. Er komt iets van licht en van rust en van vreugde bij zo iemand. Daar kun je weleens jaloers op zijn. Ze krijgen dan een soort glans over hun gezicht die weleens de Jesus-glow wordt genoemd. 

Nou, bij Mozes zie je die Jesus-glow. Hij straalt helemaal door de ontmoeting met de Heer. 

Alleen, die glans is zo fel dat de Israëlieten er bijna door verblind raken. Het is gewoon te fel voor hun ogen. En daarom doet Mozes een doek voor zijn gezicht als hij klaar is met praten over wat God heeft gezegd. Dat was later trouwens niet meer nodig. Na verloop van tijd was die glans verdwenen.

6

Naar dat verhaal verwijst Paulus hier. Hij heeft het over die sluierdoek. En wat doet Paulus nu? Hij zegt: die doek, die doe ík niet voor mijn gezicht. Ik wil open spreken over Gods heerlijkheid. En over Jezus. En over het nieuwe leven van de Heilige Geest. Want dat nieuwe verbond van de Geest is zoveel mooier en stralender dan het oude verbond van de letter!

Maar Paulus geeft nu ook een waarschuwing: “Pas op dat je niet zelf een doek voor je gezicht houdt! Waardoor je niet echt ziet wat God wil geven. En dan loop je de vrijheid mis.” 

Zo’n doek voor je gezicht is eigenlijk een doek voor je hart. Dan hoor je wel iets over Jezus en over de heilige Geest, maar dan laat je het licht niet echt binnen komen. Dan blijft geloven vooral voelen als regels en moeten, als moeilijk en zwaar. Dan blijf je hangen in het oude. Dan voel je je eerder een gevangene dan iemand die helemaal vrij is.

Maar Paulus zegt: die doek kan weg. Datgene wat er tussenin is gaan zitten, waardoor je het licht van Jezus niet kunt zien, waardoor je geloven niet als vrijheid kunt ervaren – dat mag weg.

Misschien is die doek voor jou wel dit:

  • dat je voortdurend denkt dat je niet goed genoeg bent;
  • dat je bang bent wat andere mensen van je vinden;
  • dat geloven voor jou vooral voelt als: ik moet meer bidden, ik moet betere keuzes maken, ik moet sterker zijn.

Misschien is die doek ook wel:

  • dat je altijd druk bent en nooit echt ruimte maakt voor God;
  • dat je per se vast wilt houden aan wat vertrouwd en goed voelt;
  • dat je teleurgesteld bent geraakt in mensen, in de kerk, in jezelf.

Ja, er kan van alles zijn dat zo’n doek vormt tussen jou en de glorie van Jezus en de kracht van zijn Geest. Maar die doek mag weg. En die gaat ook echt weg, zegt Paulus, “telkens als iemand zich tot de Heer wendt.” Telkens als je Jezus ziet en je toevertrouwt aan de Geest, dan komt er die vrijheid die God ons wil geven.

7

En dan eindigt Paulus met iets heel hoopvols. Hij zegt eigenlijk: als die doek weggaat, als je gezicht niet langer bedekt is, 

als je je openstelt voor Jezus, dan ga je veranderen. Niet ineens perfect. Niet in één klap. Maar langzaam. Van binnenuit. Door de Geest.

Zoals iemand steeds meer gaat stralen door het licht waar hij naar kijkt. Dan komt er meer van Jezus in je leven. Meer rust. Meer liefde. Meer echtheid. Meer vrede. Meer vrijheid. Niet omdat we onszelf zichzelf zo goed onder controle hebben. Maar omdat Gods Geest in ons werkt.

Maar hoe gebeurt dat dan? Wat kun je daarvoor doen?

Drie dingen:

  1. Ontdek de doek
  2. Bid om de Geest
  3. Kijk naar Jezus

Het eerste: ontdek welke doek er voor jouw gezicht zit. Wat zit er tussen jou en Jezus in? Wat belemmert je? Wat maakt geloven zwaar in plaats van vrij? Misschien is het angst of prestatiedruk. Misschien schaamte of een zonde in je leven. Of dat je altijd druk bent. Wees eerlijk. 

Het tweede: bid om de Geest. Doe dat komende week elke dag een keer, op weg naar Pinksteren. Gewoon een eerlijk en eenvoudig gebed. Zoiets als: “Heer Jezus, hier ben ik. Heilige Geest, laat uw licht in mijn leven schijnen. Maak mij vrij.” 

En het derde: neem tijd om naar Jezus te kijken. Want Paulus zegt dat als je met onbedekt gezicht naar Jezus kijkt, dat je dan gaat veranderen naar zijn beeld, door de heilige Geest die in je werkt. Dus niet naar anderen kijken, ook niet steeds met jezelf bezig zijn, maar kijken naar Jezus. Want: hoe meer we kijken naar Jezus, hoe meer we gaan lijken op Jezus. Dan gaan zijn liefde, zijn rust, zijn waarheid, zijn vrede en zijn vrijheid steeds meer ook in jouw leven schijnen.

Zullen we nu ook een stil worden en bidden? En kort stil zijn?

Heer Jezus, hier zijn we.
Heilige Geest, laat uw licht in ons leven schijnen. 

Maak ons vrij….

(stilte)

Zingen: “Jezus vol liefde U wilt ons leiden”.

Moment van toewijding

In Johannes 16:13 zegt Jezus: “Wanneer hij komt, de Geest van de waarheid, zal hij jullie de weg wijzen naar de volle waarheid.” Die volle waarheid is: dat God liefde is. En daarom worden we geroepen om de weg van de liefde te gaan. Paulus zegt het in Efeziërs 5:1-2 zo: “Volg dus het voorbeeld van God, als kinderen die Hij liefheeft, en ga de weg van de liefde, zoals Christus deed, die ons heeft liefgehad en zich voor ons gegeven heeft als offer, als een geurige gave voor God.”

Komende zondag vieren we Pinksteren. We vieren dat Jezus zich opnieuw geeft, aan ons, door zijn Geest. Het is een zondag om je geloof, je hoop en je liefde te vernieuwen. Zes jongeren gaan belijdenis doen. Dat is voor hen een belangrijk moment. Maar dat kan het voor ons allemaal worden: een nieuw moment van toewijding aan de Geest, aan de waarheid, aan de liefde. Aan Jezus die de weg, de waarheid en het leven is.

Laten we nu samen een Psalm zingen waarmee we ons toewijden aan de weg: Psalm 25:2,4 – Heer, wijs mij toch zelf de wegen.

Gespreksvragen

  1. Welk beeld uit het begin van de preek (de telefoons, de gezinsfoto’s, de gevangenis /de dansende kinderen) sprak jou het meest aan? Waarom juist dat beeld?
  2. Wanneer voelt geloof voor jou eerder zwaar en benauwd dan vrij en levend?
  3. Paulus spreekt over “de dienst die de dood bracht” en “de dienst die de Geest brengt”. Wat denk jij dat hij precies bedoelt met dat scherpe contrast?
  4. In Exodus 34 straalt het gezicht van Mozes nadat hij dicht bij God is geweest. Wat zegt dat verhaal volgens jou over de invloed van Gods aanwezigheid op een mens?
  5. Welke “doek voor je hart” herken jij het meest in je eigen leven: angst, prestatiedruk, schaamte, drukte, teleurstelling of iets anders?
  6. Wat bedoelt Paulus volgens jou met de zin: “Waar de Geest van de Heer is, daar is vrijheid”?
  7. Kun je een moment noemen waarop jij iets ervoer van Gods rust, licht, vrede of vrijheid?
  8. Waarom denk je dat regels en duidelijke afspraken soms veiliger voelen dan leven door de Geest?
  9. Welke van de drie oefeningen aan het einde van de preek (ontdek de doek, bid om de Geest, kijk naar Jezus) spreekt jou het meest aan? Waarom?
  10. Wat zou er concreet kunnen veranderen in jouw leven als je deze week bewust meer tijd neemt om naar Jezus te kijken?

Creatieve werkvormen

  1. De doek benoemen

    Leg in het midden van de groep een (thee)doek neer. Laat iedereen op een klein briefje één woord schrijven dat voor hem of haar soms als een “doek voor het hart” werkt (bijvoorbeeld angst, drukte, schaamte, perfectionisme, afleiding). De briefjes worden onder de doek gelegd. Daarna een moment van stilte en gebed.
  2. Van zwart-wit naar kleur

    Geef iedereen twee vellen papier. Laat op het eerste vel in steekwoorden of symbolen opschrijven hoe geloof voelt wanneer het zwaar of benauwd is. Op het tweede vel hoe geloof eruitziet wanneer Gods Geest vrijheid geeft. Bespreek daarna de verschillen.
  3. Kijken naar Jezus

    Lees samen langzaam een evangelieverhaal waarin Jezus iemand ontmoet (bijvoorbeeld de ontmoeting met Zacheüs, de overspelige vrouw of Bartimeüs). Laat daarna iedereen één minuut stil zijn met de vraag: “Wat valt mij op aan Jezus?” Deel vervolgens kort met elkaar wat je geraakt heeft.