Preek | De Geest brengt Jezus in je hart
Lezen: Handelingen 2:1-13 en Efeziërs 3:14-21
Afgelopen woensdag waren we als belijdenisgroep nog een laatste keer bij elkaar. Ik kreeg van jullie een bedankkaartje met daarop een boom getekend. Daar zit een verhaal achter. Ik vertelde jullie een paar weken geleden dat ik de vier bomen in onze tuin in Meppel een naam had gegeven. Ik zit namelijk in een soort van bekeringsproces: ik ben me aan het bekeren tot de natuur. Je zou het ook een ecologische bekering kunnen noemen. Ik wil veel meer verbinding met de natuur maken omdat ook die een vindplaats is van God en van de heilige Geest. En dat heb ik in mijn leven tot nu toe te weinig gedaan.
De naam van een van die bomen – het is een gewone esdoorn – is Bram. En dat helpt mij om de natuur veel meer echt te zien en te ervaren. Er contact mee te maken. Jullie reageerden daar verschillend op. Van ‘wat mooi’, via ‘interessant’ tot ‘sorry, dit maak ik even helemaal niet mee’. En dat mag. Want de kerk is de plek waar we niet alles van elkaar begrijpen en elkaar toch vasthouden.
Van de week ontdekte ik ook nog het gebaar voor een boom in gebarentaal (…) en vooral dat dat gebaar leek op het gebaar voor heilige Geest (…)! En dat levert vandaag een prachtige verbinding op met de bijbeltekst die we voor de dienst gekozen hebben.
We lazen in de voorbije maanden in de belijdenisgroep de brief van Paulus aan de Efeziërs. Voor vandaag wilden we daar een tekst uit kiezen die paste bij Pinksteren én bij belijdenis doen. Het moest dus gaan over de Geest en over geloof. En dit werd de tekst: Efeziërs 3:16-17. De drie stukjes van de tekst heb ik naast de boom geplaatst: de kruin die omhoog wijst naar de hemel, de stam die stevigheid en een thuis biedt, de wortels die in de grond zitten. Over elk van de drie zinnen ga ik wat zeggen.
2
We zijn allemaal mensen, zoals we hier zijn, en we verlangen allemaal naar rust en zekerheid, naar veiligheid en verbinding, en vreugde en echtheid. Jullie ook. Maar waar vind je die? Die kun je vinden in jezelf of in andere mensen, vrienden, familie. We zoeken het ook weleens op plekken waar we het uiteindelijk niet kunnen vinden zoals diploma’s, veel geld, een goed uiterlijk of populariteit.
Maar als we de Bijbel lezen en ons verdiepen in het christelijk geloof, dan ontdekken we een heel andere bron voor de vervulling van onze diepste verlangens. Wat Paulus hier zegt, dat is eigenlijk een krachtige wens voor ons allemaal. Dit is wat Paulus ons gúnt: dat Gód ons vanuit zijn rijke luister innerlijke kracht en sterkte schenkt door zijn Geest.
Paulus begint niet bij ons, niet bij jullie, niet bij mij. Hij begint bij God. Hij wijst als het ware naar boven, zoals die kruin van de boom naar boven wijst. Hij heeft het over Gods rijke luister. Dat gaat over Gods glorie, Gods heerlijkheid, Gods adembenemende schoonheid, Gods overvloedige en krachtige aanwezigheid. Alles wat mooi en goed en waar en liefdevol is aan God, dat is allemaal zijn luister.
Je zou het ook het koninkrijk van God kunnen noemen. Zo spreekt Jezus daar altijd over. Dat koninkrijk is een en al overvloed. Het gaat er niet karig of arm aan toe. God geeft niet mondjesmaat of met tegenzin. Hij is als de stralende zon die volop schijnt en licht en warmte geeft.
Paulus zegt dus eigenlijk: wat jij nodig hebt voor je leven, dat hoeft niet uit jezelf te komen. Er is een rijkdom buiten jou, boven jou, veel groter dan jij. God wil vanuit de hemelse overvloed van zijn koninkrijk iets schenken aan gewone mensen zoals wij. En dat wil Hij gráág.
En Paulus heeft het dan niet over gezondheid, succes of bescherming. Op zich ook allemaal prachtige gaven van God. Maar hij bidt om innerlijke kracht en sterkte. Want van binnen kunnen we als mensen soms ook zo moe zijn, onzeker en bang, leeg of onrustig. Soms functioneren we prima op school, op ons werk, online, in de kerk -maar vanbinnen zijn we moe, opgejaagd, onzeker of leeg. Innerlijke kracht betekent niet dat je altijd sterk bent of nooit twijfelt. Het betekent denk ik dat er diep vanbinnen een soort stevigheid groeit. Een kracht die je draagt. Zoals een boom die in weer en wind toch stevig overeind blijft staan.
En hoe geeft God die innerlijke kracht? Door zijn Geest. Als God zijn Geest geeft, is dat elke keer weer een Pinkstermoment. Er zijn heus niet altijd vuurvlammen of andere bijzondere ervaringen. Maar het is wel heel echt en levend. Juist midden in het gewone leven is de Geest van Pinksteren aan het werk. Zijn levende aanwezigheid is in ons. De Heilige Geest werkt vaak stil en van binnenuit. Zoals wind die je niet ziet maar wel voelt. Zoals sap dat door een boom stroomt.
Dus dat gunt Paulus ons. Of liever: dat gunt God ons, dat we vanuit zijn rijke luister innerlijke kracht en sterkte ontvangen door zijn Geest.
3
En dan komen we bij die tweede zin. Het gaat er over geloof. Uw geloof. Jullie geloof ook. Jullie doen vandaag belijdenis van jullie geloof. En we hebben het er een aantal keren over gehad dat geloof niet allereerst is dat je veel weet, dat je bepaalde overtuigingen hebt. Dat hoort er zeker ook bij, dat je weet wát je gelooft. Maar geloof is in het Nieuwe Testament (het Griekse woordje is: ‘pistis’) allereerst: vertrouwen.
Als je zegt: ‘Ik geloof in God’, dan zeg je: ik vertrouw op God, ik vertrouw me toe aan Jezus. Ik ken God niet volledig, Ik begrijp niet alles. En Jezus snap ik ook niet altijd. Er valt nog heel veel te leren. Maar ik heb genoeg van Gods goedheid geproefd om me aan Hem te kunnen toevertrouwen.
Door dat geloof gaat Christus in je hart wonen. Dat is het beeld dat Paulus nu gebruikt. Door het geloof wordt ons hart een huis voor de Heer. Door ons vertrouwen op Hem gaat Jezus wonen in ons binnenste.
Dat is misschien wel het meest bijzondere van het christelijk geloof. Niet allereerst dat wij in God geloven. Maar dat God in ons gelooft. Dat Christus zichzelf aan ons toevertrouwt en in ons komt wonen. Dat gaat heel diep. Dat kun je je bijna niet voorstellen.
En als Christus in je woont, dan doe Hij dat niet als een soort controleur die overal kijkt of je het wel goed doet. Nee, Hij is verlossend en bevrijdend in je binnenste aanwezig. Hij ruimt er op en maakt er schoon zodat je weer adem krijgt om te leven. Hij laat er licht schijnen in de duisternis. In de kern van je bestaan wil Hij dat geven wat je het meeste nodig hebt.
Morgen is het een jaar geleden dat ik de drie steentjes of parels introduceerde. Ze liggen hier altijd op de preekstoel en ik heb ze bij veel van jullie ook thuis gezien. Als Christus door het geloof in je hart woont, als Christus door ons geloof in de gemeente woont, dan kunnen we groeien in veiligheid, verbinding en vreugde.
Veiligheid: Christus komt niet om te oordelen maar om lief te hebben. We hoeven niet angstig te zijn maar kunnen ontspannen in zijn aanwezigheid. We voelen ons thuis bij Hem.
Verbinding: Christus verbindt ons aan God en ook aan elkaar. We horen bij elkaar. We willen en kunnen niet in ons eentje geloven. De Geest maakt ons van binnenuit een gemeenschap van liefde.
Vreugde: daarvoor kwam Jezus, om ons zijn vreugde te geven. Soms is dat een uitbundige vreugde die je aan de buitenkant kunt zien in een stralende lach. Vaak ook is het een stille en zachte vreugde, een binnenpretje, omdat het zo kostbaar is om Jezus te kennen.
Jullie willen graag Jezus volgen. En dat is echt prachtig. Bedenk ook altijd dat de Jezus die je wilt volgen en die voor je uitgaat dezelfde is als de Christus die in je woont. Jullie zijn een huis voor de Heer. Zeg elke dag tegen Hem: “Welkom! Wat ben ik blij dat U er bent.”
4
En dan komen we bij de wortels van de boom. Paulus zegt: “geworteld en gegrondvest in de liefde.” Dat zijn eigenlijk twee beelden tegelijk. Het eerste beeld komt uit de natuur: wortels diep in de grond, zoals de wortels van bomen. Het tweede beeld komt uit de bouwwereld: een fundament onder een huis.
Paulus zegt eigenlijk: God zelf legt een stevig fundament onder je leven en Hij zorgt ervoor dat je diep kunt wortelen. En ik vind het mooi dat Paulus ook heel duidelijk zegt waarín we moeten wortelen. Waar we onze voeding vandaan moeten halen. Hoe ons leven stevig wordt. Het gaat erom geworteld te zijn en te blijven in de liefde.
Pinksteren is zeker ook het feest van de liefde. Want Paulus schrijft ergens anders (in Romeinen 5:5): “Gods liefde is in ons hart uitgegoten door de heilige Geest, die ons gegeven is.” En de Geest wordt door Jezus ook een keer vergeleken met water. “Rivieren van levend water zullen stromen uit het hart van wie in Mij gelooft” (Johannes 7:38).
En als je dat allemaal met elkaar verbindt, kom je uit bij Psalm 1. Daar wordt over mensen die vreugde vinden in Gods Woord en zich in dat Woord verdiepen gezegd dat ze gelukkig zullen zijn. Degene die gelooft in God en zich aan Hem toevertrouwt zal gelukkig zijn. En dan komt er ook een boom in beeld:
“Hij zal zijn als een boom,
geplant aan stromend water.
(Willibrordvertaling: ‘wortelend waar water stroomt’)
Op tijd draagt hij vrucht,
zijn bladeren verdorren niet.
Alles wat hij doet komt tot bloei.”
Dat is een prachtige belofte. En die wil ik jullie samen met de woorden van Efeziërs 3 meegeven. Vertrouw erop dat jullie de Geest hebben ontvangen, dat jullie geloof door zijn kracht steeds dieper zal wortelen in de liefde. Want de liefde blijft. Gods liefde blijft altijd.
5
Ik wil de boodschap tenslotte samenvatten voor jullie allemaal in drie woorden die je makkelijk kunt onthouden:
Huisje, Boompje, Feestje.
Huisje: Christus wil wonen in je hart. Jij bent een huis voor de Heer. Heet Hem elke dag welkom. Zeg eenvoudig: ‘Heer Jezus, wees weer welkom in mijn leven vandaag. Werk in mij door uw Geest.’
Boompje: laat je inspireren door bomen. Elke boom zegt via de kruin: Je leeft onder een open hemel; God wil vanuit zijn koninkrijk van luister geven wat je nodig hebt. En wortel elke dag opnieuw in de liefde waarvan Gods Woord vol is.
Feestje: Pinksteren is het feest van de Geest, het feest van de liefde en de vreugde. Zoek in geloof, elke dag die je leeft met Jezus, naar tekens van zijn vreugdevolle aanwezigheid.
Laten we die boodschap samen beamen nu met het lied ‘Mijn Jezus, mijn redder’.
Gespreksvragen
- Wat betekent Pinksteren voor jou vooral?
- In de preek wordt Gods “rijke luister” beschreven als overvloed, schoonheid en liefde. Welk beeld of welke zin uit dat gedeelte sprak jou het meeste aan? Waarom?
- Paulus bidt om “innerlijke kracht en sterkte door zijn Geest”. Wat herken jij van innerlijke moeheid, onzekerheid of onrust in je eigen leven? Waar zoek jij dan meestal kracht?
- Lees samen Efeziërs 3:16-17 nog eens hardop. Wat valt je op aan de volgorde in deze tekst: eerst de Geest, dan geloof, dan Christus die woont in je hart?
- De preek zegt: “Geloof is allereerst vertrouwen.” Wat is voor jou het verschil tussen iets over God weten en je echt aan God toevertrouwen?
- De drie woorden veiligheid, verbinding en vreugde kwamen terug als vrucht van Christus’ aanwezigheid. Welke van die drie verlang jij op dit moment het meest nodig te hebben?
- Lees samen Psalm 1:1-3. Waarom zou een boom bij stromend water een krachtig beeld zijn voor geloven?
- Het gin in de preek ook even over “ecologische bekering” en het geven van een naam aan een boom. Helpt de natuur jou om iets van God of de Geest te ervaren? Waarom wel of niet?
- De kerk werd omschreven als een plek “waar we niet alles van elkaar begrijpen en elkaar toch vasthouden”. Wanneer heb jij dat positief ervaren in een groep of gemeente?
- “Huisje, Boompje, Feestje.” Welk van die drie woorden neem jij het liefst mee deze week? En wat zou dat concreet kunnen betekenen in je dagelijks leven?
Werkvormen
Boom van geloof
Leg een groot vel papier op tafel met een getekende boom.
- In de kruin schrijven deelnemers waar zij hoop, inspiratie of Gods luister ervaren.
- Op de stam schrijven ze wat hun stevigheid geeft.
- Bij de wortels schrijven ze bronnen van liefde, rust of geloof die hen voeden.
Bespreek daarna wat opvalt.
Welkom in het huis
Geef iedereen een klein kaartje in de vorm van een huis. Laat deelnemers in stilte één ruimte van hun innerlijke “huis” benoemen waar Jezus welkom mag zijn: bijvoorbeeld angst, drukte, relaties, verdriet of vreugde. Daarna mogen mensen delen wat ze willen delen
Pinksterwandeling
Ga samen kort naar buiten of kijk bewust naar bomen of planten rondom het gebouw. Laat iedereen één ding zoeken dat volgens hem of haar iets zegt over God, de Geest, wortelen of groeien. Kom daarna terug en laat ieder kort vertellen wat hij of zij zag.
